Pope in Sweden – the Dutch translations

In this post I have collected my translations of the various homilies and addresses given by Pope Francis during his short visit to Sweden. Perhaps needlessly said, apart from this paragraph, the post will consist of Dutch text.

14918917_10153849375235723_6517291123125650450_o

Homilie tijdens de oecumenische gebedsdienst in Lund:

“”Blijf in mij zoals ik in u” (Joh. 15:4). Deze woorden, uitgesproken door Jezus bij het Laatste Avondmaal, laten ons een blik werpen in het hart van Christus, kort voor Zijn ultieme offer aan het kruis. We kunnen Zijn hart voelen kloppen met liefde voor ons en Zijn verlangen voor eenheid onder allen die in Hem geloven. Hij vertelt ons dat Hij de ware wijnstok is en wij de ranken die, net zoals Hij één is met de Vader, één met Hem moeten zijn, willen we vrucht dragen.

Hier in Lund, tijdens deze gebedsdienst, willen wij ons gezamenlijk verlangen laten zien om één te blijven met Christus, zodat we leven hebben. We vragen Hem: “Heer, help ons in uw genade om dichter met U verenigd te zijn en zo, samen, een effectievere getuigenis te geven van geloof, hoop en liefde.” Dit is ook een moment om God te danken voor het werk van onze vele broeders en zusters van verschillende kerkelijke gemeenschappen die weigerden genoeg te nemen met verdeeldheid, maar in plaats daarvan de hoop op verzoening van allen die in de ene Heer geloven levend hielden.

Als katholieken en Lutheranen zijn we een gezamenlijke weg van verzoening gegaan. Nu, in de context van de herdenking van de Reformatie van 1517, hebben we een nieuwe kans om een gezamenlijke weg te kiezen, één die in de afgelopen vijftig jaar vorm heeft gekregen in de oecumenische dialoog tussen de Lutherse Wereldfederatie en de Katholieke Kerk. Ook wij kunnen geen genoegen nemen met de verdeeldheid en afstand die onze scheiding tussen ons geschapen heeft. Wij hebben de kans een kritiek moment van onze geschiedenis te repareren door voorbij de controverses en meningsverschillen, die ons er vaak van hebben weerhouden elkaar te begrijpen, te gaan.

Jezus zegt ons dat de Vader de “wijngaardenier” is (vg. vers 1) die de wijnstok verzorgt en snoeit om te zorgen dat die meer vrucht draagt (vg. vers 2). De Vader heeft steeds zorg voor onze relatie met Jezus, om te zien of we werkelijk één met Hem zijn (vg. vers 4). Hij waakt over ons, en Zijn blik van liefde zet ons aan ons het verleden te zuiveren en in het heden te werken om een toekomst van eenheid tot stand te brengen, die Hij zozeer verlangt.

Ook wij moeten met liefde en eerlijkheid naar ons verleden kijken, fouten herkennen en vergeving zoeken, want God alleen is onze rechter. Met dezelfde eerlijkheid en liefde moeten we inzien dat onze verdeeldheid ons scheidt van de oorspronkelijke intuïtie van het volk van God, dat van nature verlangt één te zijn, en dat die verdeeldheid historisch bestendigd werd door de machthebbers van deze wereld, en niet zozeer het gelovige volk, dat altijd en overal met zekerheid en liefde door zijn Goede Herder geleid moet worden. Zeker, er was aan beide zijden een oprechte wil om het ware geloof te belijden en te behouden, maar tegelijkertijd weten we dat we in onszelf zijn opgesloten door angst voor of vooroordeel over het geloof dat anderen met een ander accent en taal belijden. Zoals Paus Johannes Paulus II zei: “We moeten niet toestaan dat wij worden geleid door de intentie onszelf te willen benoemen als rechters van de geschiedenis, maar alleen door de motivatie om beter te willen begrijpen wat er is gebeurd en om boodschappers van de waarheid te worden” (Brief aan Kardinaal Johannes Willebrands, President van het Secretariaat voor de Christelijke Eenheid, 31 oktober 1983). God is de wijngaardenier, die de wijnrank met immense liefde verzorgd en beschermd; laten wij geraakt zijn door Zijn waakzame blik. Het enige dat Hij verlangt is dat wij als levende ranken in Zijn Zoon Jezus blijven. Met deze nieuwe blik op het verleden beweren we niet een onpraktische correctie op wat er gebeurd is te willen realiseren, maar “het verhaal anders te vertellen” (Luthers-Rooms Katholieke Commissie over de Eenheid, Van Conflict naar Eenheid, 17 juni 2013, 16).

Jezus herinnerert ons eraan: “Los van Mij kunnen jullie niets” (vers 5). Hij is degene die ons onderhoudt en ons aanmoedigt manieren te vinden om onze eenheid steeds zichtbaarder te maken. Zeker, ons verdeeldheid is een enorme bron van lijden en onbegrip geweest, maar het heeft ons er ook toe geleid eerlijk te erkennen dat we zonder Hem niets kunnen; zo heeft het ons in staat gesteld bepaalde aspecten van ons geloof beter te begrijpen. Dankbaar erkennen we dat de Reformatie geholpen heeft de Heilige schrift een meer centrale plaats te geven in het leven van de Kerk. Door het gezamenlijk luisteren naar het woord van God in de Schrift zijn er belangrijke stappen voorwaarts gezet in de dialoog tussen de Katholieke Kerk en de Lutherse Wereldfederatie, wiens vijftigste verjaardag we nu vieren. Laten we de Heer vragen dat Zijn woord ons bijeen mag houden, want het is een bron van voeding en leven; zonder de inspiratie van het woord kunnen we niets.

De geestelijk ervaring van Maarten Luther daagt ons uit ons te herinneren dat wij zonder God niets kunnen. “Hoe kan ik een genadige God verkrijgen?” Deze vraag achtervolgde Luther. De vraag van een rechtvaardige relatie met God is in feite de bepalende vraag voor ons leven. Zoals we weten ontmoette Luther die genadige God in het goede nieuws van Jezus, mensgeworden, gestorven en verrezen. Met het concept van sola gratia herinnert hij ons eraan dat God altijd het initiatief neemt, nog voor enige menselijke reactie, zelfs als Hij dat antwoord wil opwekken. De rechtvaardigingsleer drukt zo de essentie van het menselijke bestaan tegenover God uit.

Jezus spreekt voor ons als onze bemiddelaar voor de Vader; Hij vraagt Hem dat Zijn leerlingen één mogen zijn, “zodat de wereld kan geloven” (Joh. 17:21). Dat geeft ons troost en inspireert ons om één te zijn met Jezus, en daarom te bidden: “Geef ons de gave van eenheid zodat de wereld kan geloven in de kracht van uw barmhartigheid”. Dit is de getuigenis die de wereld van ons verwacht. Wij christenen zullen geloofwaardige getuigen van de barmhartigheid zijn in zoverre dat vergeving, vernieuwing en verzoening dagelijks onder ons worden ervaren. Samen kunnen wij Gods barmhartigheid verkondigen en zichtbaar maken, concreet en met vreugde, door de waardigheid van ieder persoon hoog te houden en te bevorderen. Zonder deze dienst aan en in de wereld is het christelijk geloof onvolledig.

Als Lutheranen en katholieken bidden wij samen in deze kathedraal, in het bewustzijn dat we zonder God niets kunnen. Wij vragen Zijn hulp om levende ledematen te zijn, blijvend in Hem, steeds met behoefte aan Zijn genade, zodat we samen Zijn woord aan de wereld kunnen geven, die zijn tedere liefde en barmhartigheid zo nodig heeft.”

Gezamenlijke verklaring ter gelegenheid van de gezamenlijke Katholiek-Lutheraanse herdenking van de Reformatie:

cwgqncmwgaehs-0

“”Laten we met elkaar verbonden blijven, jullie en Ik, want zoals een rank geen vrucht kan dragen uit eigen kracht, maar alleen als ze verbonden blijft met de wijnstok, zo kunnen ook jullie geen vrucht dragen als je niet met Mij verbonden blijft” (Johannes 15:4).

Met dankbare harten

Met deze Gezamenlijke Verklaring drukken wij vreugdevolle dankbaarheid aan God uit voor dit moment van gezamenlijk gebed in de kathedraal van Lund, aan het begin van het jaar waarin we het vijfhonderdste jubileum van de Reformatie herdenken. Vijftig jaar aanhoudende en vruchtbare oecumenische dialoog tussen katholieken en Lutheranen heeft ons geholpen vele verschillen te overbruggen, en heeft ons wederzijds begrip en vertrouwen versterkt. Tegelijkertijd zijn we dichter tot elkaar gekomen door de gezamenlijke dienst aan onze naasten – vaak in situaties van lijden en vervolging. Door dialoog en gedeelde getuigenis zijn we niet langer vreemden. We hebben veeleer geleerd dat wat ons verenigdt groter is dan wat ons scheidt.

Van conflict naar gemeenschap

Hoewel we ten diepste dankbaar zijn voor de geestelijke en theologische gaven van de Reformatie, belijden en betreuren we voor Christus ook dat Lutheranen en katholieken de zichtbare eenheid van de Kerk hebben beschadigd. Theologische verschillen gingen samen met vooroordelen en conflicten, en religie werd een instrument voor politieke doeleinden. Ons gezamenlijk geloof in Jezus Christus en ons doopsel vereist van ons een dagelijkse bekering, waarmee we de historische meningsverschillen en conflicten die het dienstwerk van de verzoening verhinderden van ons afwerpen. Hoewel het verleden niet verandert kan worden, kan wat er herinnert wordt en hoe het wordt herinnert wel veranderen. Wij bidden voor de genezing van onze wonden en van de herinneringen die ons beeld van de ander blokkeren. We verwerpen nadrukkelijk alle haat en geweld, in het verleden en heden, vooral wanneer uitgevoerd in de naam van religie. Vandaag horen we het gebod van God om alle strijd aan de kant te zetten. We erkennen dat we, bevrijd door genade, voorwaarts gaan naar de eenheid waartoe God ons steeds roept.

Onze toewijding aan gezamenlijke getuigenis

Nu we die periode in de geschiedenis als een last achter ons laten, beloven wij plechtig samen te getuigen van Gods barmhartige genade, zichtbaar in de gekruisigde en verrezen Christus. In het bewustzijn dat de manier waarop wij ons tot elkaar verhouden onze getuigenis van het Evangelie vorm geeft, wijden wij ons toe aan de verdere groei van gemeenschap, geworteld in het doopsel, terwijl we proberen de overblijvende obstakels die volledige eenheid nog verhinderen te verwijderen. Christus verlangt dat we één zijn, zodat de wereld kan geloven (vg. Joh. 17:21).

Vele leden van onze gemeenschappen verlangen ernaar de Eucharistie aan één tafel te ontvangen als een concrete uitdrukking van volledige eenheid. Wij ervaren de pijn van degenen die hun hele leven delen, behalve de verlossende aanwezigheid van God aan de Eucharistische tafel. Wij erkennen onze gezamenlijke pastorale verantwoordelijkheid om een antwoord te geven op de geestelijke dorst en honger van onze mensen om één te zijn in Christus. Wij verlangen ernaar dat deze wond in het Lichaam van Christus zal genezen. Dit is het doel van onze oecumenische inspanningen, die we willen bevorderen, ook door onze toewijding aan de theologische dialoog te hernieuwen

We bidden tot God dat katholieken en Lutheranen samen zullen kunnen getuigen van het Evangelie van Jezus Christus, en de mensheid uitnodigen het goede nieuws van Gods verlossende handelen te horen en ontvangen. We bidden tot God om inspiratie, aanmoediging en kracht zodat we naast elkaar kunnen staan in het dienstwerk, de menselijke waardigheid en rechten hooghouden, met name van de armen, werken voor gerechtigheid en alle vormen van geweld afwijzen. God roept ons op allen die verlangen naar waardigheid, gerechtigheid, vrede en verzoening nabij te zijn. Vandaag in het bijzonder verheffen we onze stemmen voor een einde aan het geweld en extremisme dat zo vele landen en gemeenschappen, en talloze zusters en broeders in Christus, treft. We sporen Lutheranen en katholieken aan om samen te werken in het ontvangen van de vreemde, degenen die gedwongen zijn te vluchten vanwege oorlog of vervolging te hulp te komen, en de rechten van vluchtelingen en asielzoekers te verdedigen.

Meer dan ooit beseffen we dat ons gezamenlijk dienstwerk in deze wereld moet reiken tot aan Gods scheppen, die lijdt onder uitbuitingen en de gevolgen van onverzadelijke hebzucht. We erkennen het recht van toekomstige generaties om te genieten van Gods wereld in al haar potentieel en schoonheid. We bidden voor een omslag in harten en hoofden die leidt tot een liefdevolle en verantwoordelijke zorg voor de schepping.

Eén in Christus

Op deze gunstige gelegenheid drukken wij onze dankbaarheid uit aan onze broeders en zusters die de verschillende christelijke wereldgemeenschappen en broederschappen vertegenwoordigen die hier aanwezig zijn en zich aansluiten bij ons gebed. Nu we ons opnieuw toewijden aan de beweging van conflict naar gemeenschap, doen we dat als ledematen van het ene Lichaam van Christus, waarin we door het doopsel zijn opgenomen. We nodigen onze oecumenische partners uit ons aan onze verplichtingen te herinneren en ons te bemoedigen. We vragen hen voor ons te blijven bidden, met ons op weg te gaan en ons te ondersteunen in het uitvoeren van de gebedsvolle verplichtingen die wij vandaag uitspreken.

Oproep aan katholieken en Lutheranen in de wereld

Wij roepen alle Lutherse en katholieke parochies en gemeenschappen op om stoutmoedig en creatief, vol vreugde en hoop te zijn in hun toewijding om de grote reis voor ons voort te zetten. In plaats van conflicten uit het verleden, zal Gods geschenk van eenheid onder ons de samenwerking leiden en onze solidariteit verdiepen. Door dichter in het geloof tot Christus te komen, door samen te bidden, door naar elkaar te luisteren, door de liefde van Christus voor te leven in onze relaties, zullen wij, katholieken en Lutheranen, onszelf openstellen voor de kracht van de Drieëne God. Geworteld in Christus en van Hem getuigend vernieuwen wij onze vastberadenheid om trouwe voorboden te zijn van Gods grenzeloze liefde voor de hele mensheid.”

Toespraak tijdens het Oecumenisch evenement in Malmö Arena:

14939566_10153850168870723_2952759365792262173_o

“Ik dank God voor deze gezamenlijke herdenking van het vijfhonderste jubileum van de Reformatie. We gedenken dit jubileum met een hernieuwde geest en erkennen dat de christelijke eenheid een prioriteit is, omdat we weten dat er meer is dat ons verenigt dan ons scheidt. De weg die we gegaan zijn om die eenheid te bereiken is zelf een groot geschenk dat God ons geeft. Met deze hulp zijn we vandaag hier bijeen gekomen, Lutheranen en katholieken, is een geest van broederschap, om onze blik te richten op de ene Heer, Jezus Christus.

Onze dialoog heeft ons geholpen te groeien in wederzijds begrip; het heeft wederzijds vertrouwen bevordert en ons verlangen om verder te gaan naar volledige eenheid bevestigd. Eén van de vruchten van deze dialoog is de samenwerking tussen verschillende organisaties van de Lutherse Wereldfederatie en de Katholieke Kerk. Dankzij deze nieuwe sfeer van begrip zullen Caritas Internationalis en de World Service van de Lutherse Wereldfederatie vandaag een gezamenlijk overeengekomen verklaring ondertekenen die gericht is op het ontwikkelen en versterken van een geest van samenwerking ter bevordering van de menselijke waardigheid en sociale gerechtigheid. Ik groet van harte de leden van beide organisaties; in een wereld die door oorlogen en conflicten uit elkaar getrokken wordt, zijn en blijven zij een lichtend voorbeeld van toewijding tot en dienst aan de naaste. Ik moedig u aan voort te gaan op de weg van samenwerking.

Ik heb aandachtig geluisterd naar de mensen die getuigenis hebben gegeven, hoe zij te midden van zoveel uitdagingen dagelijks hun leven toewijden aan het opbouwen van een wereld die steeds meer wil reageren op het plan van God, onze Vader. Pranita sprak over de schepping. De schepping zelf is duidelijk een teken van Gods grenzeloze liefde voor ons. Als gevolg kunnen de geschenken van de natuur ons tot het overwegen van God aanzetten. Ik deel je zorg over het misbruik dat onze planeet, ons gezamenlijk thuis, schaadt en ernstige gevolgen heeft voor het klimaat. Zoals we in ons, in mijn land zeggen: “Uiteindelijk zijn het de armen die de kosten betalen voor ons feesten”. Zoals jij terecht opmerkte hebben zij de grootste impact op degenen die het meest kwetsbaar en behoeftig zijn; zij worden gedwongen te emigreren om aan de gevolgen van klimaatverandering te ontsnappen. Wij allemaal, en wij christenen in het bijzonder, zijn verantwoordelijk voor de bescherming van de schepping. Onze manier van leven en ons handelen moet altijd overeenstemmen met ons geloof. Wij zijn geroepen harmonie op te wekken in onszelf en met anderen, maar ook met God en Zijn handwerk. Pranita, ik moedig je aan vol te houden in je toewijding in naam van ons gezamenlijk thuis. Dank je!

Mgr. Hector Fabio vertelde ons over het gezamenlijk werk van katholieken en Lutheranen in Colombia. Het is goed om te weten dat christenen samenwerken om gemeenschappelijke en maatschappelijke processen van algemeen belang op te starten. Ik vraag jullie in het bijzonder te bidden voor dat grootse land, zodat, door middel van de samenwerking van iedereen, de vrede, waar zo naar verlangd wordt en die zo nodig is voor een menswaardig samenleven, eindelijk kan worden behaald. En omdat het menselijk hart, als het naar Jezus kijkt, geen grenzen kent, moge het dan een gebed zijn dat verder reikt, en al die landen omvat waar ernstige conflicten voortduren.

Marguerite maakt ons bewust van de hulp aan kinderen die het slachtoffers zijn van wreedheid en het werk voor de vrede. Dit is zowel bewonderenswaardig en een oproep om de talloze situaties van kwetsbaarheid van zo vele personen die zich niet kunnen laten horen serieus te nemen. Wat jij als missie beschouwd is een zaadje, een zaadje dat overvloedig vrucht draagt, en vandaag, dankzij dat zaadje, kunnen duizenden kinderen studeren, groeien en in goede gezondheid leven. Je hebt geïnvesteerd in de toekomst! Dank je! En ik ben dankbaar dat je zelfs nu, in ballingschap, een boodschap van vrede blijft verspreiden. Je zei dat iedereen die jou kent denkt dat wat je doet gek is. Natuurlijk, het is de gekte van de liefde voor God en onze naaste. We hebben meer van die gekte nodig, verlicht door het geloof en vertrouwen op de voorzienigheid van God. Blijf werken, en moge die stem van hoop die je aan het begin van je avontuur hebt gehoord, en je investering in de toekomst, je eigen hart en de harten van vele jonge mensen blijven raken.

Rose, de jongste, gaf een werkelijk ontroerende getuigenis. Ze heeft gebruik kunnen maken van het sporttalent dat God haar gaf. In plaats van haar energie te verspillen in negatieve situaties heeft ze voldoening gevonden in een vruchtbaar leven. Luisterend naar jouw verhaal, dacht ik aan de levens van zoveel jonge mensen die verhalen als het jouwe zouden moeten horen. Ik wil dat iedereen weet dat ze kunnen ontdekken hoe prachtig het is om kinderen van God te zijn en wat een privilege het is om door Hem geliefd en gekoesterd te zijn. Rose, ik dank je vanuit mijn hart voor jouw werk en toewijding om andere vrouwen aan te moedigen om weer naar school te gaan, en voor het feit dat je dagelijks bidt voor vrede in de jonge staat Zuid-Sudan, die dat zo erg nodig heeft.

En na het horen van deze krachtige getuigenissen, die ons deden nadenken over onze eigen levens en hoe we reageren op de noodsituaties overal om ons heen, wil ik al die regeringen danken, die vluchtelingen helpen, alle regeringen die ontheemde mensen asielzoekers helpen. Alles dat gedaan wordt om deze mensen in nood te helpen is een groots gebaar van solidariteit en een erkenning van hun waardigheid. Voor ons christenen is het prioriteit om erop uit te gaan en de verstotenen – want zij zijn werkelijk verstoten uit hun thuislanden – en de gemarginaliseerden van onze wereld te ontmoeten, en de tedere en barmhartige liefde van God, die niemand afwijst en iedereen accepteert, voelbaar te maken. Wij christenen zijn vandaag geroepen om actieve deelnemers te zijn in de revolutie van tederheid.

Straks horen we de getuigenis van Bisschop Antoine, die in Aleppo woont, een stad die op de knieën gedwongen is door de oorlog, een plaats waar zelfs de meest fundamentele rechten met minachting worden behandelt en vertrapt. In het nieuws horen we elke dag over het afschuwelijke lijden vanwege de strijd in Syrië, door dat conflict in ons geliefde Syrië, die nu al meer dan vijf jaar duurt. Te midden van zoveel verwoesting is het werkelijk heldhaftig dat mannen en vrouwen daar gebleven zijn om materiële en geestelijke hulp te bieden aan de noodlijdenden. Het is ook bewonderenswaardig dat jij, beste broeder Antoine, blijft werken tussen zulk gevaar om ons te kunnen vertellen over de tragische omstandigheden van het Syrische volk. We houden ieder van hen in onze harten en gebeden. Laten we de genade van oprechte bekering afsmeken over de verantwoordelijken voor het lot van de wereld, voor die regio en voor allen die daar ingrijpen.

Beste broeders en zusters, laat ons niet ontmoedigd raken tegenover vijandigheid. Moge de verhalen, de getuigenissen die we hebben gehoord, ons motiveren en ons een nieuwe impuls geven om steeds nauwer samen te werken. Als we weer thuiskomen, mogen we dan een toewijding meebrengen om dagelijkse gebaren van vrede en verzoening te maken, om moedige en trouwe getuigen van christelijke hoop te zijn. En zoals we weten, de hoop stelt ons niet teleur! Dank u!”

Homilie in de Mis voor Allerheiligen:

“Vandaag vieren we met de hele Kerk het hoogfeest van Allerheiligen. Hiermee herdenken we niet alleen hen die in de loop der eeuwen heiligverklaard zijn, maar ook onze vele broeders en zusters die, op een stille en onopvallende wijze, hun christelijk leven hebben geleefd in de volheid van geloof en liefde. Onder hen zijn zeker vele van onze verwanten, vrienden en bekenden.

Dit is voor ons dan een viering van heiligheid. Een heiligheid die niet zozeer te zien is in grote daden of buitengewone gebeurtenissen, maar veeleer in dagelijkse trouw aan de eisen van ons doopsel. Een heiligheid die bestaat in de liefde voor God en de liefde voor onze broeders en zusters. Een liefde die trouw blijft tot het punt van zelfopoffering en volledige toewijding aan anderen. We denken aan de levens van al die moeders en vaders die zich opofferen voor hun gezinnen en bereid zijn – ook al is dat niet altijd makkelijk – van zoveel dingen af te zien, zoveel persoonlijke plannen en projecten.

Maar als er één ding typisch is voor de heiligen, is het dat zij daadwerkelijk gelukkig zijn. Zij hebben het geheim van authentiek geluk ontdekt, dat diep in de ziel ligt en zijn bron heeft in de liefde van God. Daarom noemen we de heiligen zalig. De Zaligsprekingen zijn hun weg, hun doel richting het thuisland. De Zaligsprekingen zijn de weg van het leven die de Heer ons leert, zodat wij in Zijn voetstappen kunnen volgen. In het Evangelie van de Mis van vandaag hoorden we hoe Jezus de Zaligsprekingen verkondigde aan een grote menigte op de heuvel bij het Meer van Galilea.

De Zaligsprekingen zijn het beeld van Christus en als gevolg van elke christen. Ik zou er hier slechts één willen noemen: “Zalig die zachtmoedig zijn”. Van zichzelf zegt Jezus: “Kom bij Mij in de leer, omdat Ik zachtmoedig ben en eenvoudig van hart” (Matt. 11:29). Dit is zijn geestelijk portret en het onthult de overvloed van Zijn liefde. Zachtmoedigheid is een manier van leven en handelen die ons dichter bij Jezus en elkaar brengt. Het stelt ons in staat alles dat ons verdeelt en vervreemd aan de kant te zetten, en steeds nieuwe manieren te vinden om verder te gaan op de weg van eenheid. Zo was het met de zonen en dochters van dit land, waaronder de heilige Maria Elisabeth Hesselblad, kortgeleden heiligverklaard, en de heilige Birgitta van Vadstena, mede-patrones van Europa. Zij hebben gebeden en gewerkt om banden van eenheid en broederschap tussen christenen te smeden. Een zeer sprekend teken hiervan is dat we hier in uw land, getekend als het is door het naast elkaar leven van vrij verschillende volkeren, samen het vijfde eeuwfeest van de Reformatie herdenken. De heiligen brengen verandering tot stand door zachtmoedigheid van het hart. Met die zachtmoedigheid komen wij tot het begrip van de grootsheid van God en aanbidden we Hem met oprechte harten. Zachtmoedigheid is de houding van hen die niets hebben te verliezen, omdat hun enige rijkdom God is.

Op een bepaalde manier zijn de Zaligsprekingen de identiteitskaart van de christen. Zij identificeren ons als volgelingen van Jezus. Wij zijn geroepen zalig te zijn, volgers van Jezus te zijn, de problemen en angsten van onze tijd het hoofd te bieden met de geest en liefde van Jezus. Zo moeten wij in staat zijn nieuwe situaties te herkennen en beantwoorden met verse geestelijke energie. Zalig zijn zij die trouw blijven terwijl zij het kwaad verdragen dat anderen hen toebrengen, en hen vergeven vanuit hun hart. Zalig zijn zij die in de ogen kijken van de verlatenen en gemarginaliseerden, en hen hun nabijheid laten zien. Zalig zijn zij die God in ieder persoon zien, en hun best doen om anderen Hem ook te laten ontdekken. Zalig zijn zij die ons gezamenlijk thuis beschermen en verzorgen. Zalig zijn zij die afzien van hun eigen gemak om anderen te helpen. Zalig zijn die bidden en werken voor de volledige eenheid tussen christenen. Dit zijn allemaal boodschappers van Gods barmhartigheid en tederheid, en zij zullen zeker van Hem hun verdiende loon ontvangen.

Beste broeders en zusters, de oproep tot heiligheid is aan iedereen gericht en moet van de Heer ontvangen worden in een geest van geloof. De heiligen moedigen met hun levens en voorspraak bij God aan, en wijzelf hebben elkaar nodig als we heiligen willen zijn. Elkaar helpen heiligen te worden! Laat ons samen de genade afsmeken om deze oproep met vreugde te ontvangen en mee te werken en de vervulling ervan. Aan onze hemelse Moeder, Koningin van Alle Heiligen, vertrouwen we onze intenties toe en de dialoog gericht op de volledige eenheid van alle christenen, zodat wij gezegend mogen zijn in ons streven en heiligheid in eenheid mogen behalen.”

Photo credit: CNS/Paul Haring

The archbishop and the walrus

Tiersegnung bei Hagenbecks Tierpark

Without doubt, I believe, Archbishop Stefan Heße did what no bishop before him ever did: blessing a walrus and, by extension, all the animals at Hamburg´s Hagenbeck Zoo.

The archbishop of Hamburg did so on Wednesday as part of a day program for Catholic school children in the Hamburg area around the topic of animals in the Bible. He reminded them that animals are creatures of God, and they could teach us a thing or two. In the zoo, which has never used fences and barbed wire, children can learn how to treat animals with respect, the archbishop added.

Photo credit: Daniel Bockwoldt (dpa)

Bishops on Amoris laetitia

While there will be a precious few who have already carefully studied all of Amoris laetitia, the vast majority of us, so soon after its publication, won’t have. But that does not mean that there are no opinions (some ultra-orthodox channels have gone beyond themselves in pointing out how dangerous the Exhortation and Pope Francis are for us poor Catholics… but such irresponsible agenda-driven writing is another story altogether).

The bishops of the world have had a head start in reading the text, albeit a small one, as Archbishop Mark Coleridge of Brisbane, Australia tweeted this as late as last Wednesday:

I will share some of the thoughts and opinions of local bishops in this post, which may be a guide in looking at the actual text as we read it, taking our time as Pope Francis suggested, for ourselves. Some excerpts from their various commentaries:

dekorte2Bishop Gerard de Korte, bishop-elect of ‘s-Hertogenbosch and Apostolic Administrator of Groningen-Leeuwarden: “As far as I can see the Pope tries, in the first place, to be a pastoral teacher. … In Amoris laetitia Francis pleads for an inclusive Church. The Pope does not want to build walls, but bridges. People who have failed in relationships are also a part of the Church and must be able to continue with their lives. Wise pastors can, in the privacy of pastoral encounter, support failing people and help them, so that they can continue with the journey of their lives. It is about continuous dialogue with people who, even when they have fallen short, are and remain God’s creatures.”

5a9cb713fa77e634993fee309c99be46_b9478b025386639ff26f12b5fc4db73dBishop Jan Hendriks, Auxiliary Bishop of Haarlem-Amsterdam: “The Exhortation has a very strong pastoral spirit. The text breathes understanding and love for all people. Nothing is being rationalised or denied, no new doors are opened that were closed, but throughout the entire document there is a warm, ‘inclusive’ spirit: you belong, even when the situation you are in is not perfect. Besides, we are all people “on our way”. Developing what’s good and involving people where possible is the starting point of the ‘divine pedagogy’ that the document intends to promote. Teaching remains teaching, but what matters here is the approach of people and that is open, warm and pastoral.”

hesseArchbishop Stefan Heße, Archbishop of Hamburg: “The Pope is aware of the realities of life of the people of today. In the past decades this reality has changed more than in the centuries before. On the other hand, Francis makes clear: we do not reject our ideals. But we must consider anew how people can live according to them. We must succeed in building a stable bridge between ideal and reality. The Pope consciously made no new regulations. He rather wants to provide the means to promote the formation of people’s conscience.”

Dr. Heiner Koch, Erzbischof von BerlinArchbishop Heiner Koch, Archbishop of Berlin: “I see this text as a great invitation to the local Churches, to commit ourselves even more to marriage and family, in marriage preparation, the guidance of married couples, but also in the attention to remarried divorcees and single parents. … Pope Francis rejects any “cold bureaurcratic morality” and describes all pastoral care as “merciful love”, which is “ever ready to understand, forgive, accompany, hope, and above all integrate” (n. 312).

150608kutschkeMsgr. Andreas Kutschke, Diocesan Administrator of Dresden-Meißen: “The text reminds us that the loving God cares for every person and wants him to grow towards Him. That is our good news to the whole of society. The actions of the Church regarding marriage and family must always direct themselves to that. The challenges of the Gospel should not be concealed, but addressed in a timely and comprehensible manner. That is the tone of this multilayered text.”

archbishop ludwig schickArchbishop Ludwig Schick, Archbishop of Bamberg: “The Pope shows himself a realist in Amoris laetitia. He knows that marriage and family need special attention in Church and society today, so that they can really be lasting communities of love. That is why, in addition to the fundamental statements, based on the Bible and the Tradition of the Church, about the beauty, richness, value and necessity of marriage, it is important for the Pope that marriage preparation and the guidance of families gets a closer look. State and society, employers, associations and individuals are encouraged to support marriage and family more and give them the necessary assistance.”

van looyBishop Luc Van Looy, Bishop of Ghent: “Amoris laetitia is in the first place a pastoral and not a doctrinal document. This means that it departs from reality as it exists in all its complexity and diversity. That reality is listened to, and not in the first place condemned. The good that is present must be promoted and given the chance to grow. A pastoral approach means: walking together (synodal) in joy (laetitia), but also in difficult times and crises that people go through in relationships and the raising of children. This must happen with sensitivity, with a lot of respect, tactfully and patiently, in dialogue and without preconceptions. Secondly, this pastoral approach is an inclusive approach. This means that no one is excluded. That is the baseline, if you will, of the entire document, which can be summarised in the key words in the title of the important eighth chapter: Accompanying, discerning and integrating. The Church must do all to let people, in whatever situation they find themselves, be part of the community. That returns like a refrain.”

22a4937a8468aea098eebd462e1106edBishop Rudolf Voderholzer, Bishop of Regensburg: “Amoris laetitia is an attractive and inviting text, a hymn on God-given love. It contains neither generalisations nor blanket solutions. I hope very much that chapters two and three, which recall in a new and fresh way the Biblical and doctrinal basis of conjugal love, will be read and internalised. Of course the Holy Father especially takes those situations into account, in which people are threatening to fail or have failed to achieve the ideal. It is the wish of the Church, the Pope says, “to help each family to discover the best way to overcome any obstacles it encounters” (AL 200).”

foto_1386335339Bishop Frans Wiertz, Bishop of Roermond: “In his text, the Pope wants to emphasise mercy. Although nothing changes in the ideal of marriages and the rules surrounding receiving the sacraments, the Pope invites everyone in the Church to find ways in which no one will have to feel excluded. These words of the Pope are important for many Catholics, as they want to clarify that the ideal of a good life can always only be achieved via a way which knows imperfections in reality. Although no one can afford to accept broken or unwanted situations, at the same no one is excluded or treated second-rate because of the situation in which they find themselves.”

woelki32Rainer Maria Cardinal Woelki, Archbishop of Cologne: “It is above all important for Pope Francis that the Church is close to people, that she avoids every appearance of idealistic exagerration, indifferentiated judgement, loveless condemnation or even exclusion. This attitude of closeness, a “humble realism” and mercy remains in tension with the fact that the Church is always ‘Mater et Magistra’, mother and teacher, which does not witthold the people anything that the Creator has wanted in Creation and taught through Christ.”

Geburtstag_bischof_konrad_zdarsa_2009-11-06Bishop Konrad Zdarsa, Bishop of Augsburg: “In the introduction, the Holy Father recommends not to read it hastily. That is why I will not be commenting in haste. Read those sections that are important to you in your situation, relate to them in all peace in your family, consider them also carefully in your parish communities and pastoral councils.”

Three years of Pope Francis – years of continuity of rupture?

Pope-Francis

^Three years ago tomorrow, the world’s first look at Pope Francis

Tomorrow marks the third anniversary of the election of Pope Francis. Time flies. And of course, countless commentators are picking their high and low points from these past years.  And it amazes me how much opposition the Holy Father still faces, especially in online Catholic media. And I know, that can’t be taken as an accurate reflection of the Catholic world as a whole, but this is communication, and there volume sometimes matters as much as accuracy and perhaps more than representation. It’s not nice, but there you have it.

In these comments, and not just those that specifically aim to give an overview of this pontificate, an artificial opposition between Pope Benedict XVI and Pope Francis is strikingly noticable. Pope Benedict said, this, taught that, and now Pope Francis says something else and teaches another thing, so the commentary goes. The implication being that what Pope Francis is saying, doing and emphasising is somehow contrary to the things Pope Benedict focussed on, and some even go so far as to call the current pontiff a heretic because of this preceived discrepancy. A careful reader of what Pope Francis says (and yes, I admit, a careful reading of his remarks, especially the off-the-cuff ones, can be a challenge), knows that this is not the case. Not only are the two pontiffs in agreement with each other when it comes to the content of the faith, the differences in their focus is also not as large as some would have us think.

A fair few number of people lament the fact that Pope Francis emphasises mercy, care for the poor and creation and the economic inequality that seems an innate element of western capitalist societies. These are not really Catholic topics, they say, and the Pope should devote more time and focus on catechesis, liturgy, prayer, truth as revealed to us in the Gospels. But do these things suddenly no longer matter or exist, just because this Pope speaks about them less or in another way than his predecessor? Of course not. The Catholic Church consists of more than just the Pope, and we all share the same responsibility as he does: to proclaim the faith and defend it, to teach it, celebrate it properly and let it shine through in every part of our being and lives. Maybe we should talk less about what the Pope should say and say and do some things ourselves.

Sure, one may prefer one Pope over the other, but just because ‘your Pope’ has passed away or retired, his teachings have not. St. John Paul II’s teachings about the family and Pope Benedict XVI’s words about liturgy and truth remain as valid and valuable as Pope Francis’ attention to mercy and the environment. The different topics and emphases should not automatically be considered as contrary, but as in continuity. Pope Francis does not suddenly disregared his predecessors’ teachings simply because he speaks about something else. Neither should we.

Pope Video 2 – Care for our common home

God said, ‘Let us make man in our own image, in the likeness of ourselves, and let them be masters of the fish of the sea, the birds of heaven, the cattle, all the wild animals and all the creatures that creep along the ground.’

God created man in the image of himself, in the image of God he created him, male and female he created them.

God blessed them, saying to them, ‘Be fruitful, multiply, fill the earth and subdue it. Be masters of the fish of the sea, the birds of heaven and all the living creatures that move on earth.’

Genesis 1:26-28

In his second video about his monthly prayer intentions, Pope Francis asks us to take care of what God has freely given to us: the whole of creation. It is our responsibility, not just to use and cast aside, but to care for. We do so for ourselves, the egenrations after us, but also for creation itself: like us, it has been wanted and created by God, and as such it deserves our respect.

Go, see:

The last big step – the German language group’s third commentary

The last big contribution of the German language group, their commentary on the third part of the Instrumentum laboris. There are several interesting elements in it, to begin with the first paragraph in which the Synod fathers strongly criticise the comments of some of their colleagues about what happens in the deliberations. They also criticise a too-strict application of the rules, and especially the language used in doing so.

Despite the expectations of some, the group also comes out strong in defence of the family and magisterial documents sich as Humanae vitae and Familiaris consortio.

The most difficult topic is left until last: the question of allowing divorced and civilly remarried faithful access to the sacraments? The German language group seems to be in favour of it, but also emphasises that this is a decision that needs to be made in the internal forum, in conversation between the people concerned and the priest accompanying them, and it involves some tough questions.

The German original is here, and my translation follows:

We have witnessed with great concern and regret the public statements from certain Synod fathers about persons, content and course of the Synod. These contradict the spirit of walking together, the spirit of the Synod and its fundamental rules. The imagery and comparisons used are not simplistic and false, but also hurtful. We firmly distance ourselves from these.

It is a joint desire of the German language group to complement the title of the Relatio finalis, “The Vocation and the Mission of the Family in the Church and the Contemporary World”, with the subtitle “Considerations and suggestion for the Holy Father, Pope Francis, in order to better express the classification of the text, which is not a decisive document. We recommend for the introduction a mention of the global questionnaire and an expression of gratitude and esteem.

Regarding a clearer emphasis on the family as subject of pastoral care it should be specified that Christian families are call to witness of the Gospel of marriage which has been entrusted to them. The Christian spouses and families are part of a new family of Christ, His Church. In that way the spouses can be a sacrament for the world. The “new family of Jesus Christ”, the Church, should encourage, strengthen and enable  the spouses to be such witnesses. This allows, after all, the Church to always learn from the spouses’ and families’ experiences of life and faith.

Here, a confession was important to us: wrongly understood efforts to uphold the Church’s  teachings time and again led to hard and merciless attitudes, which hurt people, especially single mothers and children born out of wedlock, people living together before or in place of marriage, homosexually oriented people and divorced and remarried people. As bishops of our Church we ask these people for forgiveness.

We have also spoken extensively about the relation between speech, thought and action, especially regarding a humane understanding of human sexuality. A suitable and renewable language is is crucial, in the first place for the introduction of adolescent children and youth to a mature human sexuality. This is in the first place the task of the parent and can not be left to education at school or media and social media alone. Many parents and pastoral workers find it difficult to find an appropriate and at the same respectful language which places biological  sexuality in the overall context of friendship, love, enriching complementarity and the mutual commitment of woman and man.

The working group found it important to emphasise that the Christian conviction in its basis assumes that God has created humanity as man and woman and has blessed them so that they become one flesh and fruitful (cf. Gen. 1:27 onwards; 2:24). In their equal personal dignity, as in their distinctiveness, man and woman are Gods good creation. Although, according to the Christian understanding of the unity of body of soul, biological gender (“sex”) and social-cultural gender roles (“gender”) are analytically different from one another, they can not be fundamentally or arbitrarily separated. All theories that regard human sexes as a subsequent construct and encourage an arbitrary social interchangeability, are te be rejected as ideologies. The unity of body of soul includes that the concrete social self-image and social role of men and women in cultures are different and subject to pronounced change. Therefore, the awareness of the full personal dignity and the public responsibility of women is a positive sign of the times that the Church values and encourages (cf. Pope John XXIII, Pacem in terris, 22).

We have spoken about the connection between the sacraments of baptism and marriage and the necessity of faith.

The Catholic confession about marriage is based on the word of the Lord in Scripture and the Apostolic Tradition and is faithfully retained in its substance through the magisterium. Nevertheless, there are tensions between the dogmatic, moral-theological and canonical approaches in the theological development, which can lead to difficulties in pastoral practice.

For example, the axiom “every marriage contract between Christian is a sacrament per se” must be reconsidered. In societies that are no longer homogeneous Christian, or countries with different cultural and religious backgrounds, a Christian understanding of marriage can no longer be readily assumed, even among Catholics. A Catholic without faith in God and His revelation in Jesus Christ can not automatically enter into a sacramental marriage without or even against his knowledge or will. He lacks the intention to at least want what the Church understands as marriage. Although the sacraments are not effective through the faith of the recipient, they, but also not without or regardless of him; At the least, the grace remains fruitless, when it is not received freely and willingly with faith determined by love.

The question also arises among our fellow Christians whose religious convictions deny the sacramentality of marriage (with its essential properties), if a sacramental marriage has occurred despite this. This does not mean that the validity of non-Catholic marriages is denied by the Church, or that the the work of God’s  mercy in non-sacramental marriages is questioned. We acknowledged the variety of studies about this question and recommend and deeper study of these questions with the goal of a new magisterial reappraisal and a greater coherence of the dogmatic, moral-theological and canonical statements about marriage with pastoral practice.

We have an addition to interfaith marriages: In view of the topic of interfaith marriage the positive aspects and the special vocation of such a marriage must be mentioned in the first place, as the non-Catholic Christians are in no way outside the one Church, but are a part of it through Baptism and a certain, if imperfect, communion (cf. Unitatis redintegratio, 3). Interfaith marriages may also be considered as house churches and have a specific vocation and mission, consisting in the exchange of gifts in the ecumenism of life.

In view of the importance of the family in society and state, the working group underlines as starting point, that marriage and family precede the state. They are basis and “vital cell of society” (Apostolicam actuositatem, 11). There can be no common life without family. The political community is therefore obliged to do everything to enable and permanently promote this “vital cell”. The repeatedly bemoaned “structural disregard” for the family must be overcome. The means for that are in the first place access to housing and work, the facilitation of education and childcare, as well as fairer benefits for families in tax legislation which acknowledges in equitable manner what families give to society. It should ne clear: not the family must be subordinate to economic interests, but vice versa. The family is at the heart of Catholic social teaching, which is an indispensable part of the Church’s proclamation and evangelisation. All Christians are called to be engaged in the field of  the political design of social coexistence and so to help families live better lives and flourish. Additionally, politicians must especially observe the principle of subsidiarity and not restrict the rights of families. Here, the “Charter of the Rights of the Family” must be noted. The Church as a whole must play an active and exemplary part with her engagement in the realm of family education, child care, schools, counseling centers and institutions for family aid.

In view of marriage preparation it was a concern of the working group to point out that a short conversation or a brief introduction do not suffice. Since many couples are unable to build upon an education marked by faith, the introduction of a marriage catechumenate is strongly recommended, taking at least several months, to really come to a mature “yes”, carried by faith, that is aware of the finality of the marriage covenant and trusts in God’s  faithfulness.

The aspect of responsible parenthood was one of the central discussion topics in the working group. According to the order of God’s creation, the marital love of husband and wife and the transmission of human life are ordered towards one another. God has called man and woman to participate in his work of creation and at the same time as interpreters of His love and placed the future of mankind in their hands. Husband and wife should realise this mission of creation in responsible parenthood. Before the face of God, and with consideration of their medical, economic, psychological and social situation, their own wellbeing and the wellbeing of this children, as well as the wellbeing of the greater family and society, they will decide the number and spacing in time of their children (Gaudium et spes, 50). According to the integral personal and human character of conjugal love the right way of family planning is the consensual call of the spouses, the consideration of the rhythm and the respect for the dignity of the partner. In this sense the Encyclical Humanae vitae (10-12) and the Apostolic Letter Familiaris consortio (14, 28-35) should be redeveloped and the willingness to have children be awakened, contrary to a mentality that is often hostile to life and partly to children.

Young spouses should be encouraged time and again to give life to children. This will make the openness to life in family, Church and society grow. The Church, with her numerous facilities for children contribute to a greater childfriendliness for children in society, but also in the Church. Observing responsible parenthood requires the formation of conscience. Conscience is “the most secret core and sanctuary of a man. There he is alone with God, Whose voice echoes in his depths” (Gaudium et spes, 16). The more spouses set out to listen to God in conscience, and the more they allow themselves to be guided spiritually, the more their decisions will be inwardly free from affective inclinations and the adaptation of their behaviour to society. For the sake of this freedom of conscience the Church strongly rejects forced government measures in favour of contraception, sterilisation or even abortion.

We have also debated extensively about the integration of divorced and civilly remarried people in the Church community.

It is known that there has been strong struggle, in  both sessions of the Synod of Bishops, about the questions of whether and to what extent divorced and remarried, faithful, when they want to take part in the life of the Church, can, under certain circumstances, receive the sacraments of Confession and the Eucharist. The discussions have shown that there are no simple and general solutions to this question. We bishops have experienced the tensions connected to this question as many of our faithful, their concerns and hopes, warnings and expectations have accompanied us in our deliberations.

The discussions clearly show that some clarification and explanation to further develop the complexity of these questions in the light of the Gospel, the doctrine of the Church and with the gift of discernment. We can freely mention some criteria which may help in our discernment. The first criterium is given by Pope Saint John Paul II in Familiaris consortio 84, when he invites us: “Pastors must know that, for the sake of truth, they are obliged to exercise careful discernment of situations. There is in fact a difference between those who have sincerely tried to save their first marriage and have been unjustly abandoned, and those who through their own grave fault have destroyed a canonically valid marriage. Finally, there are those who have entered into a second union for the sake of the children’s upbringing, and who are sometimes subjectively certain in conscience that their previous and irreparably destroyed marriage had never been valid”. It is therefore the duty of the pastors to travel this path of discernment together with those concerned. It would be helpful to take, in an honest examination of conscience, the step of contemplation and penance together. The divorced and remarried should then ask themselves how they dealt with their children when their marital Union fell into crisis? Where there attempts at reconciliation? What is the situation of the partner left behind? What is the effect of the new relationship on the greater family and the community of faithful? What is the example for the young who are discerning marriage? An honest contemplation can strengthen trust in the mercy of God, which He refuses no one who brings their failures and needs before Him.

Such a path of contemplation and penance can, in the forum internum, with an eye on the objective situation in conversation with the confessor, lead to personal development of conscience and to clarification, to what extent access to the sacrament is possible. Every individual must examine himself according to the word of the Apostle Paul, which applies to all who come to the table of the Lord:  “Everyone is to examine himself and only then eat of the bread or drink from the cup; because a person who eats and drinks without recognising the body is eating and drinking his own condemnation. That is why many of you are weak and ill and a good number have died. If we were critical of ourselves we would not be condemned” (1 Cor. 11:28-31).

Like those of the first two parts, the modi to the third part of the Instrumentum laboris were worked upon in a good synodal spirit and adopted unanimously.

Germanicus – a look at the German position

It’s safe to say that the German Synod fathers are scrutinised more heavily by Catholic media than others, and not always fairly, in my opinion. I already mentioned my own misgivings about what Archbishop Koch said in his intervention, but that’s not even remotely the same as accusing him of apostasy and heresy, as some have done. He has a clear understanding about the reality of Catholic life in Germany (which does not differ too much from that in other Protestant/secular parts of Northwestern Europe, and the picture he paints is one we should take seriously.

synod german circle

^A glimpse of the small windowless room where the German circle, the smallest of all thirteen groups, was to meet initially. Cardinal Müller soon invited the group to relocate to the roomier and less stuffy offices of the Congregation for the Doctrine of the Faith.

Today, the reports from the Circoli minori, the smaller language groups in which the Synod fathers discussed the first part of the Instrumentum laboris, were published. Because of the aforementioned interest in what the German circle thinks and wants emphasised, I will focus on their report here.

The Circulus Germanicus consists of the following persons, mainly from the German-speaking countries, but also some from central Europe, Scandinavia and even the Middle East:

  • Moderator: Christoph Cardinal Schönborn, archbishop of Vienna
  • Relator: Archbishop Heiner Koch, archbishop of Berlin
  • Walter Cardinal Kasper, President emeritus of the Pontifical Council for Promoting Christian Unity
  • Kurt Cardinal Koch, President of the Pontifical Council for Promoting Christian Unity
  • Reinhard Cardinal Marx, archbishop of München und Freising
  • Gerhard Ludwig Cardinal Müller, Prefect of the Congregation of the Doctrine of the Faith
  • Patriarch Gregorios III Laham, patriarch of Antioch of the Greek-Melkites
  • Archbishop Stanislav Zvolenský, archbishop of Bratislava
  • Bishop Franz-Josef Bode, bishop of Osnabrück
  • Bishop Benno Elbs, bishop of Feldkirch
  • Bishop Ladislav Német, bishop of Zrenjanín
  • Bishop Teemu Sippo, bishop of Helsinki
  • Bishop Antun Škvorcevic, bishop of Pozega
  • Bishop András Veres, bishop of Szombathely
  • Father Michael Sievernich, professor emeritus of Pastoral Theology at the University of Mainz and the Hichschule Sankt Georgen in Frankfurt
  • Dr. Aloys Johann Buch, professor of Moral Theology at the Interdiocesan Major Seminary of St. Lambert and Permanent Deacon in Aachen
  • Mrs,. Petra Buch, diocesan family pastoral worker
  • His Eminence Andrej, Metropolitan of Austria-Switzerland of the Serbian Patriarchate
  • Very Rev. Thomas Schirrmacher, President of the Theological Commission of the World Evangelical Alliance

The report, which was composed by Archbishop Koch in his function as relator, in my translation:

In the German circle, led by Christoph Cardinal Schönborn O.P., we have considered and edited the first part of the Instrumentum laboris in an open and good atmosphere. The various views of the participants were enriching and were also perceived as such. In my opinion the work in this group once again shows: diversity enriches.

The general style of the text was met with approval. We also agree very much with the given order of the Instrumentum laboris, and with the arrangement in three chapters. It takes up the structure of papers from earlier Synod and conferences, which lead from seeing to judging, culminating ultimately in action.

We have, however, also added elements which we think are important. We suggest and ask that a section is added at the beginning of the first chapter, which describes the beauty of marriage and the mission of couples and families, drawing on the concerns and considerations of Pope Francis. Gratefully and with wonderment we notice that marriage is called to take part in the Creation of God and in His work of salvation. Marriage is not just a topic of Catholic faith, but proves to be in the profoundest sense a fundamental desire of man. It shows itself to be remarkably constant across cultural and religious boundaries and beyond all social changes in time. Man desires to love and be loved. Love is the comprehensive and unconditional Yes to another human being – for his own sake, without ulterior motives or reservations. It is also a basic trait of humanity, that love always wants to give itself again. So marriage unfolds in the love of the children and others in the family. So grows the family out of marriage, which radiates in society and Church. Christian marriage is in this way a slice of living Church.

We also suggest to say thanks, in these introductory thoughts, to the married couples and families for their great service to each other, to our society and to our Church. We also want to especially thank those who stayed together in difficult times and so became a visible sign of the faithfulness of God.

In these introductory words we also want to mention why we as bishops take a stand for marriage and family: We come from families, live like families and take part in the life of the family. In ouir responsibility as shepherds we bishops care for the lives of married couples and families. But we also want to hear about their situations and their challenges and accompany and strenghten them with the loving gaze of the Gospel.

In their respective cultural backgrounds family relationships beyond the nuclear family especially offer many kinds of possibilities of support in the raising of children and in family life. They are especially important where the life of the nuclear family is made more difficult, impaired or even destroyed because of migration, disasters or flight, but also because of the effects of job mobility or broken human relationships, In these situations especially the wide net of kinship proves itself as a valuable aid.

Both of these examples should indicate that we have accepted the text presented to us in a positive way, but have also wanted to develop and add to it.

I would like to suggest one comment for the perception and evaluation of different cultural realities. A Synodal document must take the current cultural realities and differences properly into account. Especially when it deals with ambivalent or in the eyes of the Church problematic elements of modern cultural reality. Here a differentiated analysis and assessment is indispensable, to contribute to a proper and nuanced ecclesiastical-intercultural exchange. I would like to explain this with an example: the first chapter talks much about individualism. As a selfish trait it is undoubtedly a great danger to the lives of people. It should however not be confused with the individuality of people. Every single human being is uniquely and wonderfully made God and deserves esteem and protection of the dignity of his person. Our text speaks frequently about individualism, but the positive signs of the times, arising from respect for the individuality of people, are little appreciated. If we do not perceive here in a differentiatied way, we also come to different assessments of our society and subsequently different pastoral recommendations. Our circle asks not to succumb to an overvaluation of the rather pessimistic perception of our society.

Lastly: There is a double problem regarding the translation, that of the literal translation of the Italian text and that of the cultural translation of the content.

The German translation is relatively true to the Italian text, but this often makes the German text difficult to understand. The reason for this may be found in the overly long sentences, where the German prefers shorter sentences. The nested style is also bothersome. Here too, shorter sentences and a better structure of the contents is to be preferred. The translation of the final text should ensure a good style, pleasant readability and clear structure. The translation should not be interlinear, but mutatis mutandis.

In creating the text, it should be ensured that the ecclesiastical and theological position are not only understood internally, but are accessible also in a secular environment. This calls for a “cultural translation”, as well as an inculturation. From this follows the question if, in editing the joint document, a negatively confining and normatively judgemental language prevails (forensic style) or a postivie language which unfolds the Christian position, which then implicitly addresses what position are incompatible with Christianity. That also presupposes the willingness (cf. Gaudium et spes) to pick up positive developments in society.  Perhaps we need a sort of “hermeneutic of evangelisation” for the overall general style, which considers the topic “in the light of the Gospel”.

We are looking forward to further fraternal labour together and thank all for the many efforts to achieve a unanimous course and conclusion to the Synod.

In short, positive language, emphasis on the beauty and value of marriage and family life, and a nuanced relation with modern society. I am very much in favour of the first two points, while the third point requires a solid basis in the faith and the doctrine of the Church. Only if the Church is true to herself can she relate properly to society.

As a final comment, many have noticed the criticism against the Instrumentum laboris, but as Cardinal Luis Antonio Tagle said in today’s press conference, that document is intended to be sacrificed for the final document that is to be drafted out of the suggestions made by the smaller groups.